Een tocht doorheen het kloosterleven

Robin Alaerts leeft een jaar mee met de norbertijnen in Averbode. Ook kwam hij voor enkele dagen meeleven op de pastorij van Kuringen. ‘Misschien is het klooster wel iets voor mij’, vertelde hij aan het begin. En nu?

Intussen is het experiment Mijn roeping van de norbertijnenabdij van Averbode 7 maanden ver. De introverte Robin die we bij een eerste gesprek in oktober leerden kennen, bleek al gegroeid bij een tweede gesprek in januari.

Als ik vraag waar hij nu staat, toont Robin me het gebedsbankje dat hij ooit aanschafte in Taizé. Hij knielt erop als hij ’s avonds voor het slapen zijn gewetensonderzoek doet. En bij de stille aanbidding in de kapel. Op de zijkant tekende hij er in potlood een labyrint op.

Daar lijkt mijn weg wel wat op, lacht hij. Ik had gehoopt ergens in de loop van dit jaar een duidelijke roepstem te horen en plotseling de innerlijke zekerheid te vinden die je nodig hebt om kloosterling te worden. Maar zo werkt het blijkbaar niet bij mij.

Anders dan een doolhof heeft een labyrint geen doodlopende gangen. Maar recht op recht gaat de weg nu ook weer niet. Het pad naar het midden cirkelt rond en rond. En net als je heel dicht bij het middelpunt bent, buigt het weer af naar de buitenste rand.

Gelukkig kom je op je weg door het labyrint geregeld heuveltjes tegen, zegt Robin. Daar kun eens op staan om een glimp naar binnen te werpen. Zoals de avonden waarop je hier de zonsondergang vanuit de pandgang kunt zien.

Of de recreatie-avonden met de paters. In die gezellige sfeer vraag ik me soms af waarom het leven niet altijd zo kan zijn.

Niet meteen naar het klooster

En toch gaat Robin het niet doen; blijven. Hoezeer ik ook gehoopt had om mijn bijdrage te kunnen leveren aan deze unieke en zo waardevolle manier van leven, ik heb besloten nog niet meteen in te treden. Ik wil eerst nog meer op eigen benen leren staan. En afrekenen met de angst om mijn zelfbeschikking te verliezen en andere deuren dicht te doen.

Wat wel vaststaat, is dat hij zijn leven en keuzes wil oriënteren op God en dat hij iets wil betekenen voor andere mensen, bijvoorbeeld als pastorale werker. Een ziekenbezoek in het kielzog van een permanente diaken sterkte hem daarin.

Robin is er nu ook echt op gebrand om zijn diploma in de godsdienstwetenschappen te halen. Nog een paar jaar te gaan… Misschien kom ik intussen wel een vriendin tegen, zodat we de weg samen kunnen gaan en elkaar erop vooruit helpen. En komt dat diploma er toch nooit van, dan wil ik erop vertrouwen dat mijn leven op een andere manier zinvol kan zijn. Als tuinier als het moet. Dan heb ik nog tijd voor vrijwilligerswerk.

Talrijke levenslessen

Robin is dan toch echt rustiger geworden. Rond Kerstmis schreven we: Niet dat de vragen en existentiële twijfel waar Robin mee zat, eenduidige antwoorden kregen. Het lijkt er meer op dat hun ontwrichtende kracht afnam. Dat lijkt dus wel te kloppen.

Robin: Ook een van de diakens die ik ontmoette, heeft veel omzwervingen gemaakt om tot zijn engagement te komen, vertelde hij me.

Nog tot eind juni deelt Robin lief en leed in Averbode en trekt hij ook naar andere religieuze gemeenschappen om het kloosterleven verder te verkennen. Intussen bereidt hij zich dapper voor op examens. Benieuwd wat hij ons op het einde van het experiment nog te vertellen zal hebben. Wordt vervolgd.